Uitleg

Afkortingen en termen

Op P2000-meldingen staan korte codes en vaktaal. Hieronder staan termen die daadwerkelijk op IncidentLive voorkomen, in gewone taal. Een urgentiecode zegt hoe de meldkamer inzet — niet wat er ter plaatse is vastgesteld. Leidt uit een code geen diagnose, slachtoffers of bevestigde ernst af.

Meer over het alarmeringsnetwerk zelf staat op Wat is P2000?

Algemene begrippen

Deze termen gaan over alarmering, de meldkamer en de organisatie van hulpdiensten. Ze komen terug in filters, meldingen en uitlegpagina’s.

C2000 Communicatiesysteem voor hulpdiensten

C2000 is het gesloten overheidsnetwerk waarmee politie, brandweer, ambulancezorg en andere hulpdiensten met elkaar en met de meldkamer spreken. P2000 hoort bij dat stelsel, maar is de alarmering — niet het portofoongesprek.

IncidentLive toont geen C2000-spraak.

Bronnen: Rijksoverheid — C2000 , NIPV — C2000

GHOR Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio

De GHOR is geen ambulance of ziekenhuis. Zij organiseert dat zorgpartijen bij zware ongevallen, rampen en crises als één keten samenwerken. Elke veiligheidsregio heeft een GHOR.

Op meldingen kan GHOR als eenheid of voertuigtype voorkomen. Dat betekent dat de geneeskundige keten is betrokken, niet dat de ernst van het incident bevestigd is.

Bronnen: Rijksoverheid — GHOR , Wet veiligheidsregio’s

GRIP Gecoördineerde Regionale Incidentbestrijdingsprocedure

GRIP beschrijft hoe hulpdiensten opschalen als een incident te groot of te complex is voor de gewone inzet. Er zijn niveaus (onder meer GRIP-1 tot GRIP-5) die bepalen welke teams bijeenkomen.

GRIP staat in de crisisplannen van de 25 veiligheidsregio’s, niet in een wet. De precieze toepassing kan per regio verschillen. Een GRIP-cijfer op een melding is een opschalingsniveau, geen diagnose.

Bron: Brandweer Nederland — GRIP

Meldkamer

De meldkamer neemt 112-meldingen aan, beoordeelt de hulpvraag en alarmeert eenheden. Via P2000 gaat een korte oproep naar piepers; via C2000 spreken hulpverleners met de meldkamer.

Nederland heeft een beperkt aantal meldkamers. De tekst van een P2000-bericht is wat de meldkamer meestuurt bij de alarmering, geen persbericht.

Bronnen: Rijksoverheid — C2000 , Wet veiligheidsregio’s

P2000 Alarmeringsnetwerk (paging) binnen C2000

P2000 is het landelijke netwerk waarmee de meldkamer hulpdiensten oproept via piepers. Het vernieuwde alarmeringsnetwerk is in 2018 in gebruik genomen. Een P2000-melding is een korte operationele tekst, geen bevestigde beschrijving van het incident.

Zie ook de pagina Wat is P2000?

Bronnen: Rijksoverheid — C2000 , NIPV — C2000

Veiligheidsregio

Nederland is verdeeld in 25 veiligheidsregio’s. Elke regio is verantwoordelijk voor brandweerzorg, rampenbestrijding, crisisbeheersing en de GHOR. Meldingen op IncidentLive worden per veiligheidsregio getoond.

Taken en bestuur staan in de Wet veiligheidsregio’s.

Bronnen: Rijksoverheid — veiligheidsregio’s , Wet veiligheidsregio’s

Ambulance-urgentie

De ambulancesector werkt sinds 2023–2024 met zeven urgenties in plaats van drie. Op P2000 zie je vooral A0, A1, A2, B1 en B2: dat zijn inzetten waarbij een ambulance wordt gestuurd. C1 en C2 betekenen dat de meldkamer de melding afhandelt zonder ambulance; die codes komen hier daarom zelden of niet voor. Een urgentiecode is de inschatting van de meldkamer, geen bevestigde diagnose, geen slachtoffertal en geen bewijs van de ernst ter plaatse.

A0 Hoogste spoed (ambulance)

A0 is de nieuwe hoogste spoedeisende urgentie: directe inzet van een hoogcomplexe ambulance-eenheid met de grootst mogelijke spoed. Ambulancezorg Nederland noemt als voorbeelden een reanimatie, iemand die niet of nauwelijks ademt, of een zorgvraag die de centralist als potentieel fataal beoordeelt.

A0 is in de loop van 2023–2024 ingevoerd; alle regionale ambulancevoorzieningen hadden de code in het eerste kwartaal van 2024, maar de startdatum verschilde per regio. Tot die tijd bestonden alleen A1, A2 en B. De code zegt wat de meldkamer inzet, niet wat later ter plaatse blijkt.

Bronnen: Ambulancezorg Nederland — verbeterde urgentie-indeling , VZInfo / RIVM — ambulancezorg

A1 Spoedeisende inzet (ambulance)

A1 is een spoedeisende rit: de centralist ziet een acute bedreiging van de vitale functies, of dat gevaar kan pas ter plaatse worden uitgesloten. De ambulance gaat zo snel en veilig mogelijk.

A1 is niet hetzelfde als brandweer-P1. In het oude stelsel (tot 2023–2024) was A1 de hoogste ambulance-urgentie; daarna kwam A0 erboven.

Bronnen: VZInfo / RIVM — ambulancezorg , Ambulancezorg Nederland — verbeterde urgentie-indeling

A2 Spoedeisende inzet zonder direct levensgevaar (ambulance)

A2 is een spoedeisende rit waarbij volgens de meldkamer geen direct levensgevaar is, maar wel (ernstige) gezondheidsschade kan ontstaan. De ambulance moet alsnog zo snel mogelijk ter plaatse zijn.

A2 zegt niets over het aantal gewonden of over de uitkomst. Het is de urgentie bij de alarmering.

Bron: VZInfo / RIVM — ambulancezorg

B1 Niet-spoedeisend, hoogcomplexe zorgvraag (ambulance)

B-ritten zijn planbare of niet-spoedeisende ambulancezorg. In de nieuwe indeling is de oude B-urgentie gesplitst: B1 is een hoogcomplexe zorgvraag.

Op voertuigen kan dit terugkomen als “hoogcomplexe zorg”. B1 is geen A-spoed en geen bevestiging van een ernstig ongeval.

Bronnen: Ambulancezorg Nederland — verbeterde urgentie-indeling , VZInfo / RIVM — ambulancezorg

B2 Niet-spoedeisend, midden- of laagcomplexe zorgvraag (ambulance)

B2 is de andere helft van de gesplitste B-urgentie: een midden- of laagcomplexe, niet-spoedeisende zorgvraag.

Op voertuigen kan dit terugkomen als midden- of laagcomplexe zorg. Tot 2023–2024 bestond alleen een ongesplitste B-urgentie.

Bron: Ambulancezorg Nederland — verbeterde urgentie-indeling

Ambulance en geneeskundige zorg

Lifeliner Naam van de vier Nederlandse MMT-helikopters

Lifeliner 1 tot en met 4 zijn de helikopters van de Mobiele Medische Teams. Ze horen bij Amsterdam UMC, Erasmus MC, Radboudumc en UMC Groningen. Het team kan ook per auto komen.

Een Lifeliner-melding betekent dat het team is gealarmeerd, niet dat een patiënt per helikopter naar het ziekenhuis gaat. Vaak brengt de ambulance de patiënt; het MMT is er vooral om specialistische zorg naar de patiënt te brengen.

Bron: LNAZ — MMT-zorg

MMT Mobiel Medisch Team

Een MMT brengt een arts (anesthesioloog of traumachirurg) en een gespecialiseerd verpleegkundige naar een patiënt in acuut levensgevaar. Het team vliegt als HEMS-vlucht of rijdt met een MMT-voertuig.

Inzet kan primair (vanaf de 112-melding) of secundair (op verzoek van de ambulance). Het MMT kan onderweg worden afgezegd. Dat staat los van wat er later blijkt.

Bron: LNAZ — MMT-zorg

RAV Regionale ambulancevoorziening

Een RAV is het samenwerkingsverband van ambulancediensten en de meldkamer ambulancezorg in een regio. Nederland heeft meerdere RAV’s; zij bepalen mede wanneer nieuwe urgenties zoals A0 lokaal ingingen.

Bron: VZInfo / RIVM — ambulancezorg

Brandweer

De actuele brancherichtlijn optische en geluidssignalen van Brandweer Nederland / NIPV (2016) kent twee prioriteiten: Prio 1 en Prio 2. Op IncidentLive staan die meestal als P1 en P2. Oudere IFV-teksten noemden soms ook een Prio 3 (geen noodzaak om ter plaatse te gaan). Dat is geen huidige landelijke brandweernorm. P3 of Prio3 op een melding is daarom niet automatisch “brandweer, lage spoed”.

CO-melder Koolmonoxidemelder

Een CO-melder waarschuwt bij een te hoge concentratie koolmonoxide, een reukloos giftig gas. Op een P2000-melding betekent “CO-melder” dat de hulpdienst is gealarmeerd naar aanleiding van zo’n alarm.

Dat is geen bevestigde vergiftiging. De brandweer adviseert een CO-melder in ruimtes met een verbrandingstoestel; bij alarm bel je 112.

Bron: Brandweer Nederland — koolmonoxide

OMS Openbaar Meldsysteem

OMS koppelt de brandmeldinstallatie van een gebouw aan de meldkamer van de brandweer. De melding gaat automatisch; de centralist beoordeelt of er brandweerzorg nodig is.

Veel OMS-meldingen blijken na beoordeling geen brand. De melding is een automatisch alarm, geen bevestigde brand.

Bron: Brandweer Nederland — automatisch melden van brand

P1 Prio 1 (brandweer)

Prio 1 is een melding waarbij de brandweer zo snel mogelijk ter plaatse moet en er sprake is van een dringende taak. Volgens de brancherichtlijn wordt Prio 1 gereden met optische en geluidssignalen (zwaailicht en sirene).

Niet hetzelfde als ambulance-A1. De meldkamer zet de prioriteit; die kan later omhoog of omlaag. De richtlijn laat ruimte voor regionale basisprioriteiten in het meldkamersysteem.

Bronnen: NIPV — Brancherichtlijn optische en geluidssignalen brandweer (2016) , NIPV — brancherichtlijnen

P2 Prio 2 (brandweer)

Prio 2 is een melding waarbij de brandweer snel ter plaatse moet, maar er niet direct een dringende taak is. De rit gaat zonder zwaailicht en sirene, binnen de verkeersregels, met eventuele vrijstellingen.

P2 is geen “onbelangrijk incident”. Het zegt hoe er gereden wordt, niet wat er ter plaatse blijkt.

Bron: NIPV — Brancherichtlijn optische en geluidssignalen brandweer (2016)

Tankautospuit TS, het basisvoertuig van de brandweer

Een tankautospuit is het standaard brandweervoertuig voor een eerste inzet bij brand of hulpverlening. In meldingen staat vaak de afkorting TS. Er is een landelijk branchevoorschrift voor de standaardbepakking.

Sommige regio’s hebben een terreinvaardige TS voor bos- of duinbrand. Extra bepakking kan per veiligheidsregio verschillen.

Bron: NIPV — branchevoorschrift standaardbepakking tankautospuit

Andere hulpdiensten

KNRM Koninklijke Nederlandse Redding Maatschappij

De KNRM redt mensen en dieren in nood op zee en op de ruime binnenwateren. De organisatie werkt met vrijwilligers, ontvangt geen overheidssubsidie en kan op P2000 voorkomen als aparte hulpdienst.

KNRM-berichten kunnen een eigen prioriteitsaanduiding tonen. Die is niet automatisch dezelfde als brandweer-P1 of ambulance-A1.

Bron: KNRM

Wat is P2000? · Bronnen en betrouwbaarheid · Naar de meldingen